Toenemende connectiviteit van auto’s heeft grote gevolgen voor Nederland

| Transport and Infrastructure

Auto’s produceren steeds meer data over het gebruik van het voertuig en kunnen die informatie in toenemende mate via het internet delen. Deze gegevens bieden mogelijkheden om de doorstroming en veiligheid op de weg te verbeteren, de technische status van een auto op afstand te monitoren en indien nodig te repareren en producten en diensten op basis van het rijgedrag aan te bieden (denk bijvoorbeeld aan verzekeringen). Voertuigdata biedt dus grote kansen, maar zorgt tegelijkertijd voor belangrijke vraagstukken. Van wie is deze data? Met wie mag deze data gedeeld worden en op welke manier? Hoe zit het met privacy? 

In opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en Economische Zaken en Klimaat brachten wij de internationale ontwikkelingen op het gebied van het delen van voertuigdata in kaart en gaven antwoord op de vraag wat deze ontwikkelingen voor Nederland betekenen. 

Automotive sector staat onder druk 
Door mondiale trends als automatisering, connectiviteit, elektrificatie en de verandering van bezit naar gebruik, staat de automotive industrie onder druk. Autofabrikanten zien de verkoop van auto’s stabiliseren en in sommige regio’s zelfs afnemen. Daarnaast zorgt de opkomst van de elektrische auto ervoor dat de onderhoudsbehoefte van voertuigen aanzienlijk afneemt. Veel partijen moeten dan ook op zoek naar alternatieve bronnen van inkomsten. De connectieve auto speelt hierin een belangrijke rol. Die biedt immers de mogelijkheid direct te communiceren met de bestuurder/eigenaar van een auto en producten en diensten op maat aan te bieden. Het is dan ook niet vreemd dat veel stakeholders binnen en buiten de automotive industrie toegang willen tot de auto en zijn data. 

Verschillende modellen voor toegang tot voertuigdata
Op dit moment is het overgrote deel van het Nederlandse wagenpark nog niet connectief. Technische gegevens voor onderhoud en reparatie van voertuigen worden via een zogenoemde OBD-stekker uitgelezen in de garage. Hier bestaat ook wet- en regelgeving voor. Dit geldt nog niet voor de data uit connectieve voertuigen. Daarom is de afgelopen jaren veel onderzoek gedaan naar manieren om deze voertuigdata te delen en veel discussie gevoerd tussen stakeholders. Dit heeft geresulteerd in twee voorkeursalternatieven. 
Aan de ene kant is er het, door de autofabrikanten voorgestelde, Extended Vehicle model. Voertuigdata wordt toegankelijk gemaakt via een externe server van de autofabrikanten of een onafhankelijke partij. Veel stakeholders vrezen echter dat het dit model een gelijk speelveld verhinderd, aangezien autofabrikanten met dit model zouden kunnen bepalen wie toegang heeft tot de data, welke data beschikbaar is en onder welke condities toegang wordt verleend. Bovendien maakt dit model geen directe toegang tot de bestuurder en de auto mogelijk om nieuwe producten en diensten aan te bieden. Daarom willen deze stakeholders, verenigd binnen de Afcar-alliantie, directe toegang tot het voertuig en zijn data. Dit is het Open Telematics Platform model, de andere voorkeursvariant.

Grote gevolgen voor  Nederland
Verschillende studies wijzen op de gevaren van een te grote grip door autofabrikanten op de toegang tot voertuigen en hun data. Dit kan leiden tot een situatie waarin de fabrikanten profiteren van de steeds groter wordende hoeveelheid data, maar de samenleving als geheel verliest, omdat niet alle kansen worden benut. Dit verlies zou voor de Nederlandse maatschappij substantieel kunnen zijn. Denk bijvoorbeeld aan de (in Nederland grote hoeveelheid) onafhankelijke garages en de toonaangevende leveranciers van componenten die afhankelijk zijn van deze data. Daarnaast heeft Nederland een leidende rol op het gebied van innovatieve mobiliteitsdiensten en -oplossingen zoals Flitsmeister of Snappcar. Wil Nederland deze rol behouden dan is toegang tot voertuigdata noodzakelijk.  Last but not least, heeft beperkte toegang tot voertuigdata ook negatieve gevolgen voor de consument. Gebrekkige concurrentie leidt immers tot minder keuzevrijheid en tot hogere consumentenprijzen. 

Privacy-aspecten van voertuigdata verdienen meer aandacht 
Connectieve auto’s verzamelen veel gegevens over het rijgedrag en de bestuurder zelf. Er spelen dus belangrijke privacy- en veiligheidsaspecten bij voertuigdata. Bijna 80% van de eigenaren van een ‘connected’ auto geeft aan zich slecht geïnformeerd te voelen over de manier waarop de data verzameld en gebruikt wordt. In ons rapport adviseren wij dan ook om meer aandacht te besteden aan de consument in de discussie rond toegang tot voertuigdata. Zij moeten beter geïnformeerd moeten worden door de fabrikant/dealer en expliciet (en bewust) toestemming geven aan derden voor gebruik van hun persoonlijke data. 

Overheidsinterventies zijn gewenst 
Voertuigdata hebben de potentie om grote baten te leveren aan zowel de maatschappij als de consument. Op basis van ons onderzoek stellen wij dat overheidsinterventies nodig zijn om effectieve competitie in deze markt te bewaken. Dit is nodig om innovatie en nieuwe mobiliteitsdiensten te stimuleren en de Nederlandse automotive sector en consument te beschermen. Wij werkten vijf beleidslijnen kort uit. Er is nader onderzoek nodig om de inhoud van mogelijke beleidsopties te verkennen en te concretiseren.


Lees ook het volledige onderzoek naar voertuigdata en het delen van interfaces (pdf).