Evaluatie Basisnet: huidig ​​systeem zorgt niet voor duurzaam evenwicht

In Nederland worden dagelijks grote hoeveelheden gevaarlijke stoffen vervoerd over water, spoor en weg. Deze gevaarlijke stoffen zijn belangrijke grondstoffen voor producten die we regelmatig gebruiken, zoals cosmetica, medicijnen, brandstoffen, schoonmaakmiddelen, verf en kunststoffen. Het vervoer van gevaarlijke stoffen brengt echter risico's met zich mee.

Bij incidenten kunnen deze stoffen (ondanks alle veiligheidseisen) vrijkomen, ontbranden of in het ergste geval zelfs exploderen. Het Basisnet richt zich op het minimaliseren van de kansen op een ongeluk en de gevolgen hiervan.

Ecorys heeft in samenwerking met de KWINK groep en Erasmus Universiteit een evaluatie uitgevoerd van het Basisnet. Onze evaluatie had als doel om een onafhankelijk oordeel te geven over de werking van het huidige Basisnet en het voorgenomen nieuwe Robuust Basisnet. In de evaluatie onderzochten we of het Basisnet voor het beoogde duurzaam evenwicht tussen het vervoer van gevaarlijke stoffen, ruimtelijke ontwikkeling en veiligheid heeft gezorgd. Een andere vraag hierbij was of het juridische instrumentarium nuttig en solide is gebleken in het bewaken van dit evenwicht.

Achtergrond

Het Basisnet is het landelijk aangewezen infrastructuurnetwerk (weg, binnenwater en spoor) voor het doorgaande vervoer van gevaarlijke stoffen. Aan de risico’s van het vervoer van gevaarlijke stoffen over de transportroutes die tot het Basisnet behoren zijn grenzen gesteld. Dit wordt gedaan door zogenaamde risicoplafonds. Deze risicoplafonds, in combinatie met de ruimtelijke beperkingen, moeten omwonenden een basisbeschermingsniveau bieden. Dat wil zeggen dat het risico op het overlijden van één persoon als rechtstreeks gevolg van een ongeluk met gevaarlijke stoffen niet groter is dan eens in de miljoen jaar.

Ieder jaar worden de omvang en risico’s van het vervoer van gevaarlijke stoffen berekend en wordt gekeken of deze risico’s binnen de vastgestelde risicoplafonds zijn gebleven. De minister van Infrastructuur en Milieu brengt jaarlijks een verslag uit aan de Tweede Kamer over de resultaten.

Belangrijkste bevindingen

Uit onze evaluatie blijkt dat het Basisnet niet heeft gezorgd voor het beoogde duurzame evenwicht tussen vervoer, ruimtelijke ontwikkeling en veiligheid. Dit heeft te maken met tekortkomingen aan de bestaande systematiek en met aannames achter de werking van de systematiek die in de praktijk anders uitpakken dan gedacht.

Bij de ontwikkeling van het Basisnet werd verwacht dat de risicoplafonds ook in de verdere toekomst zouden volstaan om de verwachte groei van het vervoersvolume gevaarlijke stoffen te accommoderen. Vooral bij het Basisnet Spoor bleek dit niet het geval te zijn en was al voor de inwerkingtreding van de regeling sprake van over- en onderschrijding van de risicoplafonds. De sturende werking van de risicoplafonds op de transportstromen bleek in de praktijk minder groot dan bij de vormgeving van het Basisnet werd verwacht.

Uit onze juridische analyse blijkt tevens dat de huidige Wet Basisnet niet de nodige wettelijke handvatten biedt voor de minister om de norm na te leven. De huidige wet biedt ook onvoldoende handvatten voor infrabeheerders of toezichthouders om te zorgen dat risicoplafonds gerespecteerd worden.

Aanbevelingen

De Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) heeft in een Kamerbrief aangegeven dat onze evaluatie eerdere conclusies over de werking van het huidige systeem bevestigen het belang onderstreept om een vernieuwd Robuust Basisnet te introduceren. Het nieuwe Robuust Basisnet gaat niet uit van sturing van transportstromen via risicoplafonds, maar gaat uit van risicobeheersing. De Staatssecretaris zal de aanbevelingen uit het evaluatieonderzoek meenemen in de nadere uitwerking van het systeem van het vernieuwde (robuuste) Basisnet.

Lees voor meer informatie ons volledige rapport hier.


9 november 2023

3 minuut lezen



Sleutelexperts

Danny Schipper

Senior Consultant